De realisatie van de Gebarentram was een gezamenlijk project van de SWDA en het GVB.
In 1990 werd een ontwerpwedstrijd georganiseerd voor dove kunstenaars en ontwerpers. De oproep luidde dat de ontwerpen: “de gebarentaal [moeten] uitdragen en tevens voorlichtend zijn.”
De commissie Gebarentram van de SWDA, koos uiteindelijk het ontwerp van Gert-Jan de Kleer. Zijn ontwerp combineerde Amsterdamse beelden met Nederlandse Gebaren. Hij koos bewust voor herkenbare begrippen uit het stadsleven: “Ik heb gekozen voor gebaren die met de tram te maken hebben en met de stad Amsterdam: het dekor waar de tram door rijdt.”
Een deel van tekst met gebaren rondom de tram is:
‘Hallo, kom met de gebarentram. Kijk naar kerken, huizen, grachten, bruggen, sluizen, straten en pleinen. Dat is Amsterdam.’
Een bijzondere uitdaging was het zichtbaar maken van een taal die normaal gesproken beweegt: “Gebaren neerzetten op vlak materiaal is geen eenvoudige zaak, omdat gebaren in werkelijkheid ruimtelijk zijn en bewegen.” Daarom werden pijlen gebruikt om de beweging van gebaren aan te geven. De uitvoering gebeurde in nauwe samenwerking tussen Gert-Jan en de schilders van het GVB. De Kleer vertelde later: “De eerste keer hadden de schilders wel moeite gehad met het kommunikatie, omdat zij nooit eerder kontakt met een dove gehad hebben. En later ging het toch prima!” Juist in deze samenwerking werd zichtbaar wat de Gebarentram wilde bereiken: ontmoeting tussen dove en horende werelden. Dat lukt best!
Op 9 november 1990 werd de tram officieel onthuld. Dove kinderen van de J.C. Ammanschool hielpen samen met wethouder Ada Wildekamp, Gert-Jan de Kleer en Detta Pengel bij het verwijderen van de zwarte doeken die de tram bedekten. De onthulling groeide uit tot een groot feest, met een rondrit door Amsterdam.